(Canada, Italiaanse, Zwarte) Populier (Populus)

Ik herinner mij nog de zondagse uitstapjes naar "de zee" met de ouderlijke voklkswagen: telkens wanneer lange populierenrijen in het landschap begonnen op te duiken, was dat het teken dat we het polderland inreden, en dat de kust niet meer zo ver was. En wanneer ik als jongeman de stad inruilde voor "den buiten", en in Assenede op een hoevetje ging wonen, herkende ik on-middellijk deze rijzige verschijningen aan weerszijden van de weggetjes op polderdijken. Als belichaming van het gezegde Hoge bomen vangen veel wind, worden/werden populieren in de Lage Landen vooral als windschermen aangeplant. Meest-al werden hiervoor de Canadese populier gebruikt, een krui-sing van de "Europese" met de Amerikaanse, gekweekt in 1750 in Frankrijk, en die tot 30 meter hoog recht kan opschieten. Omdat ze lijnvormig aangeplant worden langs wegen en kana-len, vormen ze als het ware coulissen in het landschap. In de 19de eeuw werd een andere kultivar van de "Europese" populier populair, die vanuit het Oosten via Italië werd verspreid, en daarom de Italiaanse populier werd genaamd; met als voor-naamste eigenschap dat hij smal zuilvormig groeit, en daar-om nog dichtere windschermen vormt voor bijvoorbeeld rond boomgaarden.

De Europees inheemse soort, die hier nu reeds twee keer werd vernoemd, is de Zwarte populier. Deze wilde vorm is veel minder bekend, en dat hoeft ook niet te verwonderen gezien hij bij "ons" in hoofdzaak in bossen langs de kust groeit: een zone waar de landbouwaktiviteit en de menselijke aktiviteit erg in-tensief zijn en op de natuur drukken. Maar als men hem laat groeien, groeit hij uit tot een "echte boom" met een uitgesprei-de kruin en takken. Ik spreek over "hij", maar de Populier is tweehuizig dwz dat er mannelijke én vrouwelijke bomen zijn. Gezien de katjes aan vrouwelijke bomen (zie links) uitgroeien tot vruchten die bij openbarsten zaden met erg veel pluizen vor-men -want ook de verspreiding gebeurt door de wind- zijn die minder populair dan de mannelijke (zie rechts): het kunnen er zoveel zijn die in de lucht zweven, dat het lijkt alsof het sneeuwt (zie foto links beneden); en heel wat mensen zijn er allergies aan en beginnen erdoor te niezen en te proesten.

Behalve als windscherm, zijn er nog twee andere redenen waar-om de Populier zo frekwent werd aangeplant in de Lage Landen Een eerste reden heeft te maken met zijn enorm vermogen tot waterverdamping: de Populier zuigt daarvoor enorme hoe-veelheden water uit de bodem op. Hierdoor draineert hij het landschap dat in de Lage Landen nogal eens voor maanden "natte voeten" heeft. Zijn trillend blad veroorzaakt bij de minste windstoot een ruisend geluid: zijn naam dankt hij dan ook aan het Griekse woord "paipolos" dat trillen betekent.

De tweede reden: de Populier is een enorm snelle groeier, en dit zowel in de hoogte -hij wordt 25 tot 30 meter hoog- , als in de breedte -kanjers, met een stamomtrek van enkele me-ters- , en dit alles in relatief korte tijd -maar hij kan wel tot 300 jaar oud worden-. Vanwege zijn snelle groei heeft hij de bij-naam van Gauwgroot gekregen. Sinds de 18de eeuw zijn dan ook veel kruisingen vanwege hun produktie van hout van ekonomies belang geworden. Het populierhout is licht, gemak-kelijk te kloven, splintert en ontvlamt niet gauw. De toepassin-gen zijn dan ook legio: het hout van populieren wordt sinds eeuwen als bouwhout gebruikt voor gebinten van boerderijen, binnendeuren of kozijnen, vloeren, meubels, en zelfs keukenge-rei, klompen speelgoed. Recenter voor de binnenbetimmering van spoorwegwagons, lucifers, kisten en papierfabricage. Te-genwoordig gaan grote hoeveelheden populierhout naar het maken van paletten en allerhande kunst- en vezelplaten, multi-plex en wandpanelen.

Ondanks al deze troeven, wordt de Populier minder en minder aangeplant. Zijn populariteit (!) heeft een deuk gekregen, en daar zijn ook een aantal redenen voor. De eerste: OOK zijn wor-telstelsel ontwikkelt zich snel en ver, wat voor tal van proble-men kan zorgen; de wortels schieten door het gazon, verstoren de waterafvoer, heffen bestrating en muren op, of veroorzaken verzakkingen. Twee: als de wortels zich aan de slootkant bvb teveel in één richting ontwikkelen, kan de boom scheef groeien, en bij het groter worden dreigen onder zijn eigen gewicht om te vallen. Drie: zijn ongunstige reputatie in sommige natuurmid-dens wat betreft de biodiversiteit. Ten onrechte, want de (vroe-gere) monoculturen zijn op conto van de mens te schrijven. Re cente studies hebben aangetoond dat de Populier op de 7de plaats komt wat het aantal insekten betreft die erop leven.

In het wild is de Populier zelfs een zeldzaamheid geworden; zijn natuurlijke habitat is dat van een ooibos: een bos dat ontstaat op de overstromingsvlakte van een rivier. Deze ooibossen zijn bijna op een aantal eldzame plaatsen na, in Europa bijna over-al verdwenen door rivierregulatie en waterbeheer: door recht-trekking en indijking van rivieren werd de natuurlijke dyn-amiek van overstromngen en sedimentatie verhinderd, en de vruchtbare gronden langs rivieren werden gerooid en ingeno-men als landbouwgrond. Door het probleem van de waterover-last probeert met tegenwoordig hier en daar dit natuurlijk over-stromingsgebied te herstellen.

Wat belangrijk voor hier en nu is wat de Populier betreft, is de vaststelling dat het een typiese Water-boom is, meer specifiek een moeras-boom. Dit weerspiegelt zich ook in zijn medici-naal gebruik: hij is urine-afrdijvend door op de urineweg te werken, zweetbevorderend, slijmoplossend. Omdat hij daar-door helpt urine-zuur te elemineren uit het lichaam, wordt hij gebruikt bij reuma, opgezwollen gewrichten, ischias en vormen van huiduitslag. Hiervoor worden de bladknoppen (gemmae) van het voorjaar gebruikt, of een afkooksel van de bast. Vroeger werden die fijn gemalen en in een zalf verwerkt bij gewrichts-en spierreuma, aambeien, openspringende lippen en aambeien, kloven in de tepels.

Het feit dat populierknoppen ook worden gebruiktbij blaas- en prostaatklachten, verwijst naar zijn Schorpioen- of Pluto-karakter. Vandaar ook dat Populieren werden geassociëeerd met de Onderwereld: de Zwarte Populier met Hekate, de godin van de dood; en de Witte Populier -de Abeel- met Presephone, de godin van de wedergeboorte. Maar de Populier heeft nog meer in zijn mars (!): als monumentale boom die recht de hoogte inschiet draagt hij ook de Boogschutter-Jupiter-signatuur. Als reus van de Lage Landen is hij -alle verhoudin-gen in acht genomen- hier een beetje wat de Sequoia's voor Noord-Amerika betekenen (want daar is alles "bigger"): een quintensence, een symbool, en een beschermboom. Hij is een soort wachter in het landschap, een indikator voor de gezond-heid van het biotoop. Ga eens aan de gegroefde schors van zo'n kanjer staan, terwijl de wind rondom jou giert, en je zal begrij-pen wat ik daarmee bedoel.