|
Art 61
Arnica - Valkruid - Wolverlei
![]() ![]() ![]() ![]() Altijd handig wanneer een kruid de naam draagt van haar medicinale toepas-sing: Valkruid, Wondkruid. Arnica staat bekend als eerste hulp bij on-gevallen, en zou daarom moeten horen bij iedere huisapotheek; het is im-mers veel effektiever dan het spreekwoordelijke muntje dat men aan kinderen geeft wanneer ze zijn gevallen, of zich lelijk tegen iets hebben gestoten. Onge-lukjes, die hoogst normaal zijn in het leven van opgroeiende peuters. Proble-matieser wordt het, wanneer zo'n ongeluk voorvalt bij opgroeiende jongeren of volwassenen. Dan kan men moeilijk het ritueel "hier een snoepje en een kus van pappie" gaan toepassen. Dus: voor al deze gevallen van builen, blau-we plekken, verstuikingen, verrekkingen, kneuzingen, bloeduitstortingen, ont -wrichtingen, spierpijnen, steenpuisten en reuma heeft Arnica zijn waarde be-wezen in de vorm van een spray, een zalf of een omslag met verdunde Arnica-tinctuur (vanwege het alcohol-gehalte in een tinctuur). Tegelijk kan dit verhaal ons afleiden van de ware aard van dit kruid. Want wat weten wij over dat Valkruid? Eigenlijk bitter weinig, en daar zijn een paar voor de handliggende redenen voor. Ten eerste: het komt "hier" = in de Lage Landen, nagenoeg niet voor. Het is dan ook een bergplant -vandaar zijn soortnaam arnica montana-, die groeit op bergen en zure (="veenachtige"), arme bergweiden van 800 tot 2500m hoogte. Omdat Arnica niet van bemes-ting, voeselrijke en kalkrijke bodem houdt, en een vochtig , guur en koud kli-maat prefereert, en veel zonlicht nodig heeft, is de plant zeer moeilijk te kulti-veren. Waar aan zijn habitat-vereisten zijn voldaan, kan hij wel massaal voor-komen en in juni- juli de bergweiden met velden geeloranje kleuren. Maar om -dat het tegelijk doorgaans een zeldzame én beschermde plant is, is men voor het oogsten van Arnica aangewezen op enkele erkende telers in de Alpen (vnl Zwitserland). Gezien er van de geoogste planten vooral verdunde tinturen en homeopatiese preparaten worden gemaakt, komt dat goed uit: daarvoor heeft men minder planten nodig. En dit komt ook goed uit om verdunningen van de plant te gebruiken, omdat Arnica een in wezen giftige plant is. Het heeft een schadelijke inwerking op ingewanden en zenuwstelsel, en kan zowel maag-en darmstoornissen als hart -kloppingen veroorzaken. Bij uitwendig gebruik kunnen er ook allergiese huid -irritaties ontstaan, vooral bij hen met een blanke huid en roodblond haar (die ook gemakkelijk door zonlicht "verbrand" (=rood) geraken). En Arnica op open wondes leggen is dus helemaal uit den boze. ![]() ![]() ![]() ![]() Met Arnica is gebeurd, wat met veel kruiden gebeurt die groeien in een be-perkte heimat in de bergen: de kennis van hun bestaan en geneeskracht blijft beperkt tot het gebied waar ze groeien. Bergvolkeren hebben niet deze explo-ratie- en expansiedrang die kulturen aan de Zee doorgaans wel kenmerken, en hun kultuurelementen worden dus ook niet in de tred daarachter verspreid over de kontinenten. De eerste vermelding van Arnica is te vinden in de chro-nieken van de hand van Hildegard(e) van Bingen in de 12-eeuw. In die tijd werd de plant "Wolfesgelegena" genoemd = Wolverlei = wolfs-verleiding. Ze schreef, dat deze Wolverlei in staat was om iemand in uitzinnige liefdesbe-geerte te doen ontbranden; en omdat in de Middeleeuwen alles wat niet vroom was, des duivels was, sprak men dan over duivelsliefde of duivelse lief-de. Laten we even de magie en het bijgeloof achter dit verhaal van "liefdes-tovernarij" voor wat het is, dan is zinvolle informatie over het kruid, de bood-schap dat ze een giftige warmte in zich draagt. Vuur-energie dus, vandaar die onweerstaanbare drang en die allesverterende begeerte in dat ver-haal. Het heeft geduurd tot de 18-e eeuw met de uitwerking van de homeopathie door Samuel Hahneman, voor men dit symbolies verhaal in een geneeskun-dig verhaal kon omzetten. Niet alleen werd toen immers ontdekt dat "het ge-lijke door het gelijke kon genezen worden", maar ook dat "er een gelijksoor-tigheid bestond tussen de symptomen van het type mens, en het geneeskruid ervoor". Dit laatste is de toepassing van het analogie-principe -dat één van de basiseigenschappen is van het holisties of rechterhersenhelft-denken- en heeft geleid tot het opstellen van korresponderende of analoge mens-types in een Materia medica. Bij de beschrijving van het Arnica kunnen we aldus vin-den dat het het rode hypertensie-type betreft: mensen met een rood en enigs-zins "opgeblazen" gelaat. Dat krijgt men door zich voortdurend druk te ma-ken over van alles en nog wat, door zich in een permanente staat van stress en spanning te brengen. ASTROLOGIES kan men hierin zeer goed het Ram-Mars-type in her -kennen. Een Ram is iemand wiens potje snel kan overkoken, en die zich snel kwaad kan maken. SNELHEID is een belangrijk criterium en noodzaak: er moet vaart in zitten, de dingen moeten vooruit gaan. Zo iemand wil aktief en in beweging zijn, en kan niet lang stil blijven zitten. Snel reageren en kort op de bal spelen zijn essentiëel; zeker niet bij de pakken blijven zitten. Vallen, opstaan, en weer doorgaan! ![]() ![]() ![]() ![]() Daarom ook is Arnica zo'n goed middel bij traumatiese ervaringen. Bij fy-sieke trauma's versnelt Arnica het herstelproces door de doorbloeding te bevorderen. Hierdoor genezen builen en blauwe plekken, kneuzingen en ver-stuikingen sneller. Alle overbelastingen van het bewegingsapparaat kun-nen aldus door Arnica gekureerd worden: van vinger tussen de deur, peesver-rekkingen door te langdurige of geforceerde houding, een stijve nek na een klap of te grote inspanning, tot en met het trekken van een tand, een hersen-schudding, ischias (zenuwpijn) door een te bruuske of geweldige inspanning, lumbago of een "gebroken rug", en zelfs om de shock van een operatie of een bevalling op te vangen. Afhankelijk van de aard van het trauma gebruikt men daarbij homeopaties verschillende vedunningen: van D4, over D6 tot D10. MS- en diabetes-patiënten wiens extremiteiten onvoldoende doorbloeding krijgen, kunnen baat vinden bij inwrijving van vingers en tenen met Arnica-olie. Maar ook psychies kan men zich geradbraakt voelen: men heeft dan een fi-guurlijke val gemaakt: een zware tegenslag, een ontslag, een scheiding, een inbeslagname, bankroet, een groot verlies, een lelijk bedrog, een vernedering, een mislukking, .... Wanneer men zich murw of plat geslegen voelt door het leven, dan is Arnica het tonicum dat hem er weer bovenop kan helpen en op-nieuw moed geeft om tegen het leven op te boksen. Arnica versterkt hart en bloedvaten, maag en darmen, en de algemene weerstand. Mellie Uyldert vond Valkruid één van de heerlijkste kruiden voor het zenuwstelsel, omdat het op-wekkend werkt bij alle soorten nerveuze "verlammingen", verstijvingen en uitputtingen, alsook bij die soort onrust, die voortkomt uit zenuw-uitputting. Een trauma veroorzaakt immers altijd een zenuwschok die de chi of levens-energie plots doet dalen. Het terug in beweging en in tonus brengen, wijst op een tweede energie: Tweelingen-Mercurius. Het verklaart ook de hoe Ar-nica terug vaart in het metabolisme kan brengen, en waarom het snel werkt. Als ANALOOG KRUID past Arnica dan ook bij het Louis de Funès-ty-pe: het bezig en bazig mannetje, steeds druk in de weer, nerveus gestikule-rend, nijdig uitvallend, en niet vies om klappen uit te delen. Weliswaar zijn heel wat mensen passief en lui, en hebben een spreekwoordelijke schop in hun kont nodig om in gang te schieten, maar geweld gebruiken in deze aange-legenheden, doet meer kwaad dan goed. Men mag dus assertiviteit niet ver-warren met agressiviteit. Geweld gebruiken, of een laars op het hoofd zetten werkt eerder onderdrukkend: de ander omlaag duwen om zichzelf op te heme -len. Stimuleren en peptalk mag, maar dwang is toxies, zoals de giftigheid van Arnica. Als COMPLEMENTAIR KRUID is Arnica te gebruiken in al deze le-venspassages waarin men letterlijk en figuurlijk aan de grond zit , en "rien ne vas plus". Op zijn Levenspad kan men immers lelijke tuimelingen maken. Alhoewel het geraadzaam is deze tegenslagen te inkasseren en een tijdje stil te zitten om te rekupereren, is het ook aangewezen om daarna terug overeind te krabbelen en zijn weg te vervolgen. Een portie ongeluk en tegen-slag HOORT immers bij het leven, en het is belangrijk van daarmee te leren omgaan. Bij de pakken blijven zitten en blijven wenen en jammeren, is geen volwassen ma-nier om daarmee om te springen. En angst is een slechte leer-meesteres (zeer van toepassing in Corona-tijden of soortgelijke periodes). ![]() ![]() |