De Wilg (salix alba)

Wanneer ik het over "de" wilg heb, dan bedoel ik hiermee in het bijzonder de salix alba. Er bestaan immers heel wat soorten wilgen (de boswilg of "grauwe wilg", de katjeswilg of "grijze wilg", de kruipwilg, de treurwilg,....), en ook heel wat "bastaard-vormen" omdat deze soorten zonder problemen onderling met elkaar kruisen. De salix alba is wat in het Engels "white willow" en in het Frans "saulne blanc" wordt genoemd: je moet maar de ontbaste witte twijgjes zien waarmee allerhande artisanaal vlechtwerk wordt in elkaar geknutseld, om te snappen waarom.

In het Nederlands wordt hij de schietwilg genoemd, vanwege zijn vermogen om te "schieten": steek een tak in de grond, en hij begint te wortelen. Wie het in zijn kop haalt wilgepalen te gebruiken, zonder die te ontschorsen, kweekt zonder er erg in te hebben een rijtje wilgen. Aan zijn enorm regeneratiever-mogen dankt hij een andere specialiteit en naam: het vermo-gen om probleemloos geknot te worden. Als kind vond ik het fascinerend om een weiland omzoomd door een rij knotwilgen te ontwaren. Ze leken wel onsterfelijk: men "kapte ze om", en ze groeiden telkenmale terug uit. Een geknotte wilg vond ik wel een gek zicht: precies een opgeheven vuist in het landschap.

En dat landschap waarin de wilg thuis hoort, zijn de vochtige weilanden van "lage landen", die van de herfst tot de lente regelmatig "blank" staan. De wilg kan goed tegen "natte voe-ten", meer zelfs: hij houdt ervan! Hij groeit, en wordt sedert oudsher ook aangeplant, in zogenaamde broekbossen, die door onze voorouders als "hakbossen" werden onderhouden, en regelmatig werden gekapt naargelang welk "geriefhout" men wou "oogsten".

Alhoewel het hout van de wilg (vooral destijds) op tal van manieren werd gebruikt -waardoor de wilg een erg "nuttige" boom in de Lage Landen was- staat de wilg medicinaal voornamelijk bekend om, hoeft dat te verwonderen, zijn wateruitdrijvend vermogen. Zoals de wilgen het water uit "waterzieke" gronden en moerassige gebieden draineren, zo zet de wilg als geneeskruid de waterhuishouding aan in het lichaam. Men gebruikt daarvoor de bast van jonge takken en twijgen. Het gehalte aan salicyl ervan is bekend en bewezen: het is dezelfde "stof" waaruit het meest universele medikament, de aspirine, is vervaardigd.

Als je je eigen voorraad, "natuurlijke aspro" wil aanleggen, is dit een gemakkelijk en meditatief werkje: pel de bast van de takken met een mes, zoals een cowboy aan een saloon in een film of stripverhaal die niets beter te doen heeft; snij met een scherpe schaar in kleinere stukjes, en laat drogen op papier op een donkere (maar warme) plek in huis. Van tijd tot tijd eens omkeren, en na 14 dagen kun je je "wilgeschors" in een papieren zak doen.

Omdat een schors moeilijker zijn werkzame bestanddelen afgeeft, moet je daarvan wel een aftreksel, en geen gewone thee van maken. Straffere kost dus, door een handvol in een halve liter water even aan de kook te laten brengen, en dan te laten "trekken " terwijl het afkoelt. Te lang doorkoken, kookt de schors "dood". Lauw opdrinken werkt het effektiefst, maar omdat je niet alles in één keer kunt opdrinken, kun je wat overblijft ook nadien koud opdrinken. Binnen de 2 dagen, want daarna wordt het "slecht", tenzij je het bewaart in de koelkast.

Het wilgenaftreksel (dat met zijn wetenschappelijke term "decoct" precieuser klinkt), kun je gebruiken voor alle aandoenigen die met een vertraagde of gestremde waterhuis-houding of nierwerking gepaard gaan. Een hele waslijst van kwalen kan dus met wilg geholpen worden, met vooraan in de lijst hoofdpijn en reuma: beiden ontstaan wanneer er teveel afvalstoffen in de bloedbaan aanwezig zijn, die niet tijdig kunnen geëemineerd worden.
De waterafdrijvende werking van de wilg , kan ook dienstig zijn bij eczema en allerhande huidaan-doeningen. De samen-trekkende werking van de wilg kan daarbij zowel inwendig als uitwendig (bij het badwater doen) zijn werk verrichten: de herstelkracht van de wilgeschors toont naar analogie, hoe zijn "buitenste beschermlaag" -die de huid ook is- beter te bescher-men tegen invloeden van buitenaf, en beter te regeneren. Eczema-patiënten kunnen zich immers vaak moeilijk afsluiten, of doen het juist teveel, om hun gevoe-lige kwetsbaarheid te beschermen.

De wilg-energie, toont aan, hoe men zich in het moeras (!) der dagelijkse beslommeringen en steeds veranderende omstan-digheden in de wereld kan handhaven. Zich maw ook recht-houden wanneer het moeilijker of lastiger wordt. Met name reuma-patiënten vertonen de reflex om zich te verzetten tegen veranderingen en fasen waardoor ze heen moeten: ze klampen zich letterlijk en figuurlijk VAST aan wat ze "hebben". Wilg kan hen helpen lichamelijk en psychies beter te bewegen en te circuleren: het leven met een minder verkrampte, relaxere en soepelere (!) houding tegemoet te treden.